De nieuwe kabinetsplannen sparen uw portemonnee net iets meer dan gedacht.

Den Haag, donderdag, 17 september 2026. Uw portemonnee krimpt volgend jaar gemiddeld met slechts 0,1 procent. Gepensioneerden en minima krijgen er juist een fractie bij. Toch blokkeren de nieuwe belastingplannen een grotere vooruitgang.
Prinsjesdagcijfers vallen reuze mee
We schreven eerder al over de gelekte Miljoenennota waarin uw biertje en bloemetje duurder worden [1]. Nu de kruitdampen van Prinsjesdag op 15 september 2026 zijn opgetrokken, rekent het Centraal Planbureau (CPB) ons de definitieve cijfers voor [2][4]. Gelukkig valt de schade voor uw portemonnee mee. Een doorsnee huishouden levert in 2027 gemiddeld 0,1 procent in [2]. Dat is minder pijnlijk dan de krimp van 0,3 procent die het CPB in augustus 2026 nog vreesde [2]. Dat scheelt toch weer 0.2 procentpunt. Wie er warmpjes bij zit met een bruto jaarinkomen vanaf € 52.519, merkt die daling wel [6]. Maar gepensioneerden (+0,3 procent) en de laagste inkomens (+0,2 procent) krabbelen juist een fractie omhoog [2].
De Haagse sigaar uit eigen doos
Hoe kan dit? Het kabinet-Jetten I, dat als minderheidscoalitie regeert, verhoogt de arbeidskorting om werkenden een steuntje in de rug te geven [2][4]. Maar premier Rob Jetten en zijn ministers geven met de ene hand en nemen met de andere [4]. Vanaf januari 2027 stijgen de tarieven in de inkomstenbelasting [2][5]. Het tarief in de eerste schijf kruipt omhoog van 35,75 procent naar 36,23 procent [5]. Mattias Gijsbertsen, directeur van budgetvoorlichter Nibud, baalt hier stevig van [2]. Zonder deze Haagse belastingplannen had het gemiddelde huishouden namelijk ruim 1 procent méér te besteden gehad [2]. Nu ziet u die belastingverhoging in januari direct terug op uw loonstrook [2].
Onzekerheid op een bewegend doel
En dan zijn we er nog niet. Uw zorgpremie stijgt volgend jaar met circa 10 euro per maand naar 197 euro per volwassene [6]. Ook het eigen risico stijgt naar 400 euro per jaar [6]. Bovendien is de hele rekensom onzeker. CPB-directeur Pieter Hasekamp noemt het “schieten op een bewegend doel” [5]. Het kabinet heeft immers geen meerderheid in de Kamers en moet constant onderhandelen met de oppositie [4]. Daarnaast kunnen geopolitieke spanningen rond Iran de energieprijzen zomaar weer opdrijven [2][5]. Geniet dus voorzichtig van deze meevaller, want in 2028 kunnen uitgestelde bezuinigingen alsnog toeslaan [2].