De gekte op de woningmarkt koelt volgend jaar eindelijk flink af.

Amsterdam, donderdag, 1 oktober 2026. ABN AMRO verwacht een snellere afkoeling in 2027 door de hogere rente. Opvallend: in Groningen stijgen de prijzen momenteel tien keer harder dan in Amsterdam.
Renteverhogingen zetten rem op de huizenprijzen
De Nederlandse woningmarkt koelt volgend jaar, in 2027, sterker af dan we dachten [1][2]. Dat meldt ABN AMRO in haar nieuwste woningmarktmonitor [1][2]. De bank trekt hiermee dezelfde conclusie als concurrent ING [1][2]. Wat is de boosdoener? De gestegen hypotheekrente [1][2]. De Europese Centrale Bank gaat naar verwachting namelijk nog twee extra renteverhogingen doorvoeren [1][3]. Daardoor stelt ABN AMRO de verwachte prijsstijging voor 2027 fors neerwaarts bij: van 4 procent naar slechts 2,5 procent [1][2]. Dat scheelt toch een slok op een borrel voor uw portemonnee: een daling van 1.5 procentpunt in de verwachte groei [1][2].
Dit jaar nog even doorbijten, minder verkopen in het verschiet
Toch moeten huizenkopers in 2026 nog even door de zure appel heen bijten [GPT]. De huizenprijzen stijgen dit jaar namelijk juist harder dan verwacht [1][2]. ABN AMRO verhoogde de prognose voor 2026 van 3 procent naar een plus van 3,8 procent [1][2]. Dat is een stijging van 0.8 procentpunt ten opzichte van de eerdere voorspelling [1][2]. Dit komt vooral door de flinke prijsstijgingen in de eerste helft van dit jaar [1][2]. Voor de resterende maanden van 2026 verwacht de bank gelukkig stabiele of zelfs licht dalende prijzen [1][2]. Ook het aantal woningtransacties daalt in 2027 harder dan verwacht: met 5,5 procent in plaats van de eerder voorspelde 4 procent [1][2].
Groningen versus Amsterdam: de grote kloof
Wie denkt dat de prijzen overal in het land even hard stijgen, heeft het mis [GPT]. De verschillen per regio zijn gigantisch [1][2]. In Amsterdam steeg de huizenprijs in het tweede kwartaal op jaarbasis met een magere 0,8 procent [1][2]. In Groningen schoten de prijzen daarentegen met bijna 8 procent omhoog [1][2]. Dat is een factor van maar liefst 10 vergeleken met de hoofdstad [1][2]! Vooral provincies buiten de Randstad, zoals Groningen, Drenthe en Gelderland, jagen het landelijke gemiddelde van 4,2 procent aan [1][2]. De maatregelen die het kabinet op Prinsjesdag presenteerde, gaan hier weinig aan veranderen, zo concludeert de bank nuchter [1][2].