Gemeente Amsterdam start een eigen snackbar om die daarna direct te verbieden.

Amsterdam, donderdag, 15 oktober 2026. Amsterdam wil fastfood weren en pakt het opmerkelijk aan. De gemeente start zelf een snackbar, weigert de eigen vergunning en stapt naar de rechter voor een belangrijk proefproces.
Strijd tegen de vette hap
In Amsterdam is het aanbod van ongezond eten de afgelopen tien jaar flink gegroeid, zo blijkt uit recent onderzoek van het Amsterdam UMC [1][5]. De gemeente wil al die nieuwe fastfoodzaken in drukke buurten nu een halt toeroepen [1][5]. Maar de huidige wetgeving geeft steden nauwelijks middelen om een horecavergunning te weigeren puur vanwege een ongezonde menukaart [1][5][7]. Wethouder Gezondheid Alexander Scholtes vindt dat gezondheid niet alleen een persoonlijke keuze is, maar ook wordt bepaald door wat er op straat te koop is [3][5]. Daarom zoekt de hoofdstad nu bewust de grenzen van de wet op [3].
Een opmerkelijk juridisch experiment
De gemeente zet samen met een nog onbekend kennisinstituut een wel heel bijzondere stap [3]. Ze richten zelf een restaurant op met een ongezonde menukaart, vragen daar een vergunning voor aan en weigeren die vervolgens direct aan zichzelf [1][3][5][7]. Met dit opgezette proefproces stapt Amsterdam naar de rechter [1][3][5]. De bestuursrechter moet uiteindelijk beslissen of een gemeente vergunningen mag weigeren op basis van gezondheidsargumenten [1][7]. Zo hoopt de stad een nieuw juridisch middel af te dwingen tegen de wildgroei van snackbars [1][5][7].
Kritiek op de amptelijke route
Niet iedereen reageert enthousiast op deze kostbare juridische truc [2][3]. Mediacommentator Victor Vlam noemt de actie ondemocratisch en vindt dat de politiek hierover beslissingen moet nemen [2][4][6]. Ook klinkt er felle kritiek op het gebruik van belastinggeld [2][3][6]. Tegenstanders vragen zich af waarom ambtenaren en rechters hun kostbare tijd steken in opgezette rechtszaken, terwijl de rechtspraak al overbelast is [1][2][3].