Het gevaarlijke westnijlvirus eist vier nieuwe levens in ons land maar de grote piek is gelukkig voorbij.

Bilthoven, donderdag, 1 oktober 2026. De teller staat nu op negen doden. Gelukkig merkt tachtig procent van de besmette mensen helemaal niets van dit door muggen verspreide virus.
Zuid-Holland en Utrecht het zwaarst getroffen
In Bilthoven en de dichtbevolkte provincies Zuid-Holland en Utrecht slaat het westnijlvirus momenteel het hardst toe [1]. Vandaag, op donderdag 1 oktober 2026, maakt het RIVM de trieste balans op [1]. De afgelopen week raakten twaalf mensen besmet en overleden er helaas vier patiënten aan de gevolgen van het virus [1]. Hiermee stijgt het totale dodental in Nederland naar negen personen [1]. In totaal zijn er in ons land nu 56 besmettingen bekend, waarvan veruit de meeste in Zuid-Holland (32) en Utrecht (12) zijn vastgesteld [1].
Huissteekmug is de boosdoener
Hoe raakt u eigenlijk besmet? De boosdoener is de gewone huissteekmug die het virus overdraagt na contact met besmette vogels [2]. Gelukkig loopt het meestal met een sisser af. Maar liefst 80 procent van de mensen merkt helemaal niets van een besmetting [1][2]. Nog eens 19 procent krijgt milde, griepachtige klachten zoals koorts, hoofdpijn en spierpijn [1][2]. Slechts 1 procent ontwikkelt ernstige neurologische complicaties [2]. De incubatietijd bedraagt doorgaans twee tot zes dagen na de muggenbeet [2]. Eén Nederlandse patiënt raakte overigens besmet via een bloedtransfusie [1].
De piek is gelukkig voorbij
Gelukkig is er ook goed nieuws te melden. Het RIVM verwacht dat de piek van deze virusuitbraak inmiddels achter de rug is [1]. Het aantal nieuwe wekelijkse besmettingen daalde namelijk van 16 (in de week tot 24 september) naar 12 in de afgelopen week [1]. Dat is een daling van -25 procent. Omdat er nog geen vaccin bestaat, adviseert het gezondheidsinstituut om muggenwerende middelen te smeren en horren te gebruiken [2]. Zo houden we die zoemende indringers effectief buiten de deur [GPT].