Bijna tachtig procent van de verhuurbemiddelaars weigert woningzoekenden om hun achternaam.

Den Haag, donderdag, 5 november 2026. Nieuw onderzoek toont aan dat ruim 78 procent van de verhuurbemiddelaars meewerkt aan discriminatie. Vooral woningzoekenden met een Marokkaans klinkende naam krijgen structureel minder bezichtigingen aangeboden.
Structurele uitsluiting in Nederlandse steden
In steden door heel Nederland, van Den Haag tot Rotterdam en Utrecht, stuiten woningzoekenden op een dichte deur zodra hun achternaam niet bevalt [1][2][3]. Minister Mona Keijzer van Volkshuisvesting stuurde gisteren, op woensdag 4 november 2026, de vijfde landelijke monitor naar de Tweede Kamer [2]. Wie reageert met een Marokkaans klinkende naam, trekt massaal aan het kortste eind [1][3]. Mannen noteren een netto-discriminatiegraad van 14 procent en vrouwen zelfs 16 procent bij uitnodigingen voor bezichtigingen [2]. Alleen in Amsterdam lijkt dit specifieke verschil niet te bestaan [3]. Amsterdamse wethouder Zita Pels tempert direct het enthousiasme en stelt dat zij nog niet te hard juicht [1][3]. Discriminatie op basis van gender of seksuele geaardheid kwam niet significant naar voren uit de tests [1][3].
Bochtige smoesjes en mysterycalls
Onderzoekers van het Verwey-Jonker Instituut toetsten de markt via verhuurplatform Pararius met zogeheten mysterycalls [1]. Slechts 20 procent van de benaderde bemiddelaars wijst een ronduit racistisch verzoek direct af [1][3]. Ruim 48,5 procent stemt meteen in met het uitsluiten van specifieke groepen [1][3]. Nog eens 5,5 procent stelt handige alternatieven voor om kandidaten te weren en 24,5 procent laat de uiteindelijke keus simpelweg aan de pandeigenaar [1][3]. Dat brengt de totale groep die ruimte biedt voor uitsluiting op 78.5 procent [1][3]. Tussenpersonen verschuilen zich achter trucs als eisen rondom accentloos Algemeen Beschaafd Nederlands [1][3]. Anderen weren huurders uit angst voor kruidige etensgeuren van Indische kookkunsten [3].
Maatregelen en toezicht
In 2020 gaf nog 84 procent van de bemiddelaars toe aan dit soort verzoeken, waardoor de huidige 78,5 procent op de lange termijn een voorzichtige daling toont [2]. Verhuurmakelaars kennen de wet in theorie prima, maar vergeten die regels zodra een verhuurder begint te sputteren [2][4]. De Wet goed verhuurderschap biedt gemeenten inmiddels wettelijke instrumenten om hard in te grijpen met boetes [2][4]. Dit najaar start het ministerie een landelijke voorlichtingscampagne op sociale media om huurders en bemiddelaars te wijzen op eerlijke selectie [2]. De boodschap blijft voorlopig helder: de woningmarkt hoort open te zijn voor iedereen, ongeacht de letters op het naambordje [2][4].