Israëlische militairen verlaten verwoeste wijken in Hebron na een omstreden belegering.

Hebron, dinsdag, 3 november 2026. Na tien dagen belegering en ruim drieduizend verdreven bewoners trok het leger gisteren weg uit Hebron. De totale militaire buit bleek opmerkelijk mager: slechts vier in beslag genomen vuurwapens.
terugkeer naar een ravage in bezet gebied
In bezet Palestijns gebied op de Westelijke Jordaanoever heerst een wrange stilte [1][2]. De gebeurtenissen raken Nederlanders direct [GPT]. Oplopende spanningen in het Midden-Oosten beïnvloeden immers onze brandstofprijzen en zetten het diplomatieke debat in Den Haag op scherp [GPT]. Inwoners van Hebron zagen gisteren, maandag 2 november 2026, de Israëlische militairen eindelijk vertrekken [2][4]. Eerder meldden wij al hoe het leger woonwijken sloopte na een dodelijke aanslag op militairen [5]. Premier Benjamin Netanyahu gaf destijds opdracht voor een harde vergeldingsactie na de dood van twee militairen op 23 oktober 2026 [2][6]. Zo’n 3.300 Palestijnen moesten hals over kop hun huis uit [2]. Gisteren troffen terugkerende families een gigantische puinhoop aan [2][6]. Huisraad lag op straat, kinderspullen waren vernield en woningen waren geplunderd of opgeblazen [2][6].
politiek theater met magere vangst
De militaire operatie duurde ruim tien dagen, maar het resultaat roept spot op [2][4]. Soldaten doorzochten honderden panden en confisqueerden uiteindelijk slechts vier vuurwapens en 25 illegale voertuigen [2]. Legerchef Eyal Zamir wilde de bezetting al na twee dagen afblazen wegens een totaal gebrek aan operationeel nut en juridische grond [2][6]. Netanyahu en Defensieminister Israel Katz blokkeerden die terugtocht tot na de Israëlische verkiezingen van eind oktober [2][4][6]. Ondertussen liep de lokale economische schade op tot 30 miljoen euro over de gehele tiendaagse periode van de blokkade [2]. Zakenlui zaten met de handen in het haar en vuilnis stapelde zich op tot 1.200 ton in de straten [4].
controle blijft en het schoolleven start weer
De rust keert maar half terug in Hebron [1][7]. Scholen en universiteiten heropenden direct hun deuren na het vertrek van de troepen, waardoor 80.000 studenten weer de lesbanken in kunnen [7]. De stad blijft echter afgeknepen [1]. Slechts twee van de zeven toegangswegen zijn open voor verkeer en de legerposten controleren iedereen streng [1]. VN-mensenrechtenchef Volker Türk noemde de massale verdrijving en afbraak onomwonden een illegale collectieve bestraffing [3][7]. Juridische organisatie Adalah noemt de acties zelfs regelrechte oorlogsmisdaden [4]. Het Israëlische leger trekt zich nu deels terug, maar patrouilles en invallen elders op de Westelijke Jordaanoever gaan gewoon door [1][3].