Een arts beëindigt voor het eerst legaal het leven van een doodziek Nederlands kind onder de twaalf jaar.

Den Haag, woensdag, 30 september 2026. Eind 2025 beëindigde een arts het leven van een ernstig ziek kind van bijna twee jaar. De toetsingscommissie verklaarde dit eerste geval onder de nieuwe wet volkomen zorgvuldig.
Een medische grens overschreden in heel Nederland
In heel Nederland [alert! ’exacte Nederlandse plaats of regio van het incident is niet gespecificeerd in de bronnen’] heeft de medische wereld een historische grens overschreden. Voor het eerst is de actieve levensbeëindiging van een kind onder de twaalf jaar officieel goedgekeurd door een toetsingscommissie [1][2]. Het ging om een peuter van bijna 24 maanden oud die eind 2025 overleed [2][3]. Het kind werd extreem vroeg geboren na een zwangerschap van slechts 26 weken en kampte sindsdien met zware complicaties [1][2]. De impact op onze samenleving is voelbaar; deze beslissing raakt direct aan de ethische grenzen van ons zorgstelsel en de bescherming van de allerkleinsten [GPT].
Uitzichtloos lijden en het zware besluit
De medische situatie van het jonge patiëntje was volkomen uitzichtloos. Het kind leed aan ernstige hersenschade, cerebrale parese en dagelijkse epileptische aanvallen die niet reageerden op medicijnen [1][3]. De geschatte ontwikkelingsleeftijd was vergelijkbaar met die van een baby van slechts zes weken oud [1][3]. De ouders deden een consistent verzoek om het lijden te beëindigen [2]. Een onafhankelijke arts en het behandelteam zagen na mislukte palliatieve pogingen geen andere uitweg [2][3]. De behandelend arts bracht het kind eerst diep in slaap en diende daarna de dodelijke middelen toe [2]. Volgens de commissie waren alle facetten van het ‘mens-zijn’ ernstig en onherstelbaar aangetast [1][3].
Strikte controle achteraf
Sinds de verruiming van de regels in 2024 mag levensbeëindiging bij kinderen tussen één en twaalf jaar onder loodzware voorwaarden [1][2]. Een speciale commissie van artsen, juristen en ethici boog zich over deze eerste casus [1]. Hun oordeel is nu definitief: de arts heeft medisch volkomen zorgvuldig gehandeld [2][3]. Het dossier ligt inmiddels bij het Openbaar Ministerie voor de laatste formele controle [2]. Hoewel deze primeur internationaal tot verbaasde reacties leidt, blijft het in Nederland opvallend stil [4]. De regeling biedt artsen en wanhopige ouders de broodnodige juridische helderheid in de meest hartverscheurende situaties [GPT].