Jorrit Bergsma jaagt op veertigjarige leeftijd nog altijd op olympisch ijs.

Heerenveen, woensdag, 28 oktober 2026. Na olympisch goud en brons weigert Jorrit Bergsma te stoppen. De veertigjarige schaatser sluit zelfs deelname aan de Winterspelen van 2030 niet uit. Hij vreest simpelweg het zwarte gat.
Geen tijd om achterom te kijken
De buit van de Winterspelen in Milaan mag er wezen: Bergsma pakte olympisch goud op de massastart en brons op de 10 kilometer [1]. Op de massastart klopte hij de Deen Viktor Hald Thorup in de eindsprint [1]. Terugblikken doet de routinier liever niet te lang [1]. Stilzitten past niet bij de nuchtere Fries uit Aldeboarn [1]. Komend weekend, van 30 oktober tot en met 1 november 2026, staat hij gewoon weer aan de start van het World Cup Kwalificatietoernooi [1]. De voormalige fietsenmaker combineert de langebaan nog altijd vrolijk met de marathon voor de ploeg van Jillert Anema [1].
Dromen van vier jaar erbij
Over vier jaar, in 2030, tikt Bergsma de leeftijd van 44 jaar aan 44 [1]. Toch gooit hij de deur naar die volgende Winterspelen niet dicht [1][2]. De concurrentie wordt jonger en sneller, maar de veteraan bekijkt zijn kansen nuchter van jaar tot jaar [1]. Mocht de langebaan ooit stoppen, dan lonkt het marathonpeloton direct weer [1]. Een leven zonder schaatsen ziet hij voorlopig niet zitten [1][3]. Zijn eigen grap over een naderend pensioen spreekt boekdelen: voor de rest kan hij naar eigen zeggen immers helemaal niks [1][3].