De Geïllustreerde Kunstmatige Intelligentie
woensdag 29 jul.
sport woensdag 29 juli 2026

Jack Plooij praat met Videoland na de verrassende overname van de Formule 1-rechten.

Jack Plooij praat met Videoland na de verrassende overname van de Formule 1-rechten.

Hilversum, woensdag, 29 juli 2026. Videoland koopt Viaplay Nederland en krijgt de Formule 1-rechten. Jack Plooij praat al met de streamingdienst, maar houdt een terugkeer als commentator nog even geheim.

Een miljoenendeal schudt het televisielandschap op

De Nederlandse televisiewereld staat vandaag, op woensdag 29 juli 2026, op zijn kop [1][2]. DPG Media neemt de Nederlandse tak van Viaplay over voor een slordige 142 miljoen euro [1][5]. Hierdoor verhuizen de felbegeerde uitzendrechten van de Formule 1, de Engelse Premier League en het darten naar Videoland, mits de ACM de overname goedkeurt [1][5]. Voor vaste Formule 1-gezichten kwam dit nieuws als een donderslag bij heldere hemel [1][3]. Pitreporter Jack Plooij, die al sinds 1998 meeloopt in de koningsklasse van de autosport [5], leeft mee met zijn collega’s bij Viaplay [2][5]. Zij verkeren nu in grote onzekerheid [2][3]. Plooij weet precies hoe dat voelt [2][5]. Eind 2021 overkwam hem en commentator Olav Mol namelijk exact hetzelfde toen Viaplay destijds de rechten overnam [1][2][5].

Gesprekken achter de schermen en sportieve kritiek

Keert het iconische duo Plooij en Mol nu terug op de buis bij Videoland? Plooij bevestigt in de ochtendshow van Radio 538 dat hij al in gesprek is met de streamingdienst [1][2]. Over de inhoud houdt hij zich echter opvallend stil met een grapje over ‘Alzheimer light’ [2][5]. Hoewel de geruchtenmolen op volle toeren draait, blijft zijn exacte rol dus nog even geheim [1][3]. Ondertussen zit Plooij als analist ook sportief niet stil [6]. Afgelopen weekend, tijdens de Grand Prix van Hongarije op 26 juli 2026, uitte hij nog felle kritiek op Mercedes-coureur George Russell [6]. Volgens Plooij zit het kampioenschap van de ondermaats presterende Brit na deze race definitief in het putje [6].

Bronnen