Het kabinet dreigt onwillige gemeenten met verplichte asielopvang op eigen kosten.

Den Haag, woensdag, 4 november 2026. Asielminister Van den Brink plaatste maandag elf nieuwe gemeenten onder verscherpt toezicht, waardoor de teller nu op 74 staat. Weigeren zij opvangplekken, dan regelt het Rijk dit zelf op hun kosten.
Druk op gemeenten loopt verder op
Eerder riep minister Bart van den Brink de Zeeuwse gemeente Sluis al op het matje wegens het weigeren van de Spreidingswet [1]. Maandag 2 november 2026 breidde de CDA-bewindsman die aanpak fors uit [2][3]. Elf nieuwe gemeenten kwamen onder verscherpt toezicht te staan [4]. Daarmee steeg het totaal van 63 naar 74 gemeenten [4], een stijging van 17.46 procent [4]. Dit betekent dat nu 1 op de 5 Nederlandse gemeenten onder toezicht staat [5]. De nieuwste toevoegingen zijn Gennep, Mook en Middelaar en Roerdalen in Limburg, Elburg, Neder-Betuwe en West Betuwe in Gelderland, Dantumadiel en Noardeast-Fryslân in Friesland, Bergeijk en Best in Noord-Brabant en Castricum in Noord-Holland [4]. Zij schuiven door van fase 2 naar fase 3 van het wettelijke toezichtsysteem [4]. Ambtenaren voerden inmiddels 100 ambtelijke gesprekken en bijna 50 bestuurlijke topgesprekken [4].
De rekening voor de burger
De gevolgen voor de lokale inwoner kunnen groot zijn [GPT]. Als lokale bestuurders blijven weigeren, zet het Rijk een zogeheten indeplaatsstelling in [2][3]. Den Haag huurt dan zelf een leeg kantoorpand of hotel af en stuurt de gepeperde rekening direct door naar het gemeentehuis [3][4]. Die rekening betaalt de burger uiteindelijk via de lokale belastingen [GPT]. In Noord-Brabant moeten gemeenten samen ruim 13.000 langdurige opvangplekken regelen voor de periode tussen 1 juli 2027 en eind 2028 [2]. Begin september stond de teller daar pas op ruim 6.000 gerealiseerde plekken [2]. Het Rijk gebruikte de dwangmaatregel van indeplaatsstelling nog niet eerder [3][4]. De dreiging hangt wel als een zwaard van Damocles boven de raadszalen [GPT].
Rechter buigt zich over verzet
Gemeenten laten dit niet zomaar gebeuren en stappen naar de rechter [5]. Dinsdag 3 november 2026 behandelde de bestuursrechter van de Raad van State het juridische verzet van Den Haag en Zwijndrecht [5]. Den Haag kreeg een taakstelling van 1.940 reguliere plekken en 320 plekken voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen [5]. Het Haagse stadsbestuur onder leiding van Richard de Mos schrapte in juli 2026 echter een plan voor 450 plekken in het voormalige HagaZiekenhuis [5]. Volgens de Haagse advocaat lukt de uitvoering domweg niet, zelfs niet met een indeplaatsstelling [5]. Zwijndrecht verkleinde een achterstand van 85 statushouders begin 2026 via woningcorporaties naar nog slechts 9 woningen [5]. Vandaag, woensdag 4 november 2026, wachten de lokale overheden af of de rechter het strakke Haagse dwangbeleid in stand laat [GPT].