De vlam slaat in de pan nu Saudi-Arabië samen met de Amerikanen doelen in Irak bombardeert.

Bagdad, woensdag, 29 juli 2026. Na dertig Iraanse drone-aanvallen bombardeerden de VS en Saudi-Arabië samen milities in Irak. Iran sloeg direct mislukt terug met raketten op Jordanië, terwijl de olieprijzen hard omhoogschieten.
Olieprijzen vliegen omhoog door Iraakse vuurzee
De nieuwste escalatie in het Midden-Oosten speelt zich momenteel hoofdzakelijk af in Irak, waar Amerikaanse en Saudische gevechtsvliegtuigen felle gezamenlijke luchtaanvallen uitvoeren [1][2]. Voor u in Nederland heeft dit direct voelbare gevolgen aan de pomp, want de olieprijzen schieten direct omhoog [GPT]. De prijs voor een vat Brent-olie steeg op woensdag 29 juli 2026 met maar liefst 5% naar $88,50 [5]. Dat betekent dat de prijs vlak voor deze klap rond de 84.286 dollar schommelde. Deze explosieve situatie bouwt voort op de eerdere inzet van Amerikaanse B-1 bommenwerpers op 21 juli, waarbij president Donald Trump dreigde om vitale infrastructuur in Teheran plat te leggen [6].
Dertig drones lokken massale vergelding uit
De directe aanleiding voor de geallieerde bombardementen van 29 juli 2026 was een regen van ruim 30 Iraanse drones [1][2]. Deze bestookten de afgelopen 72 uur Amerikaanse bases en Saudische oliefaciliteiten [1][2]. De reactie volgde snel. Amerikaanse en Saudische straaljagers bestookten wapen- en logistieke depots van pro-Iraanse milities in zeven Iraakse provincies [1][2]. Volgens lokale milities kwamen hierbij minstens 20 strijders om het leven en raakten er 32 gewond [1][2]. De Amerikaanse president Trump vatte de harde aanpak simpel samen: “Ze krijgen rammel” [1][5].
Raketten op Jordanië en een dichte zeestraat
Iran liet de aanval niet onbeantwoord en vuurde diezelfde woensdag vijf ballistische raketten af op een Amerikaanse basis in Jordanië [1][3]. De Jordaanse luchtverdediging wist alle projectielen gelukkig te onderscheppen [1][3]. Ondertussen blijft de cruciale Straat van Hormuz potdicht [3]. De Iraanse onderminister Kazem Gharibabadi wees op dinsdagavond 28 juli een bemiddelingsvoorstel van Oman voor gezamenlijk beheer resoluut af [1][3]. De kans op een snelle diplomatieke uitweg lijkt daarmee verder weg dan ooit [GPT].