Woonminister Elanor Boekholt-O'Sullivan eist dat vastgoedbeleggers genoegen nemen met minder winst om de bouw te redden.

Den Haag, woensdag, 7 oktober 2026. De minister wil dat beleggers meer risico nemen voor betaalbare woningen. Ondertussen vlucht buitenlands kapitaal juist weg door hoge belastingen en strenge regels.
Minister eist offers van vastgoedbeleggers
Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening Elanor Boekholt-O’Sullivan deed op maandag 5 oktober 2026 een opvallende oproep op de vastgoedbeurs Expo Real in München [1]. Zij vindt dat vastgoedbeleggers genoegen moeten nemen met lagere rendementen en meer risico moeten nemen [1]. Volgens haar ligt de sector echt niet op zijn gat [1]. Maar beleggers klagen steen en been [1]. Door de Wet betaalbare huur, de hoge rentes en de stijgende box 3-belastingen in 2027 vluchten investeerders juist het land uit [1]. Volgens De Nederlandsche Bank (DNB) is het buitenlandse kapitaal voor nieuwbouwprojecten hierdoor bijna volledig opgedroogd [1]. En dat terwijl er jaarlijks 40 miljard euro nodig is om de doelstelling van 100.000 nieuwe woningen per jaar te halen [1].
Plannen voor snellere bouwprocedures
Het kabinet zit ondertussen niet stil en stuurde op 21 september 2026 het ‘Actieplan Versnelling Woningbouw’ naar de Tweede Kamer [4][5]. Met dit plan wil de minister de gemiddelde vergunningduur van acht jaar tegen 2030 halveren naar 4 jaar [2][3]. Dat moet gebeuren via digitalisering en het schrappen van technische vergunningen voor standaardontwerpen [2][3]. Ook moet de helft van de nieuwbouw tegen die tijd uit de fabriek rollen [2][3]. Om dit vlot te trekken trekt het Rijk tot 2035 maar liefst €7 miljard uit voor betaalbare woningen, plus €500 miljoen specifiek voor middenhuur [2][3]. Vanaf 2027 deelt het Rijk bovendien de financiële risico’s met gemeenten die zelf grond aankopen voor woningbouw [2][3].
De harde realiteit voor de woningzoeker
Voor de gewone burger is de woningnood dagelijkse realiteit [2][3]. Jongeren wonen noodgedwongen langer bij hun ouders en leraren vinden geen betaalbare plek dicht bij hun werk [2][3]. De minister wil daarom snel tempo maken: van tekening naar heipaal [2][3]. Maar of haar harde woorden tegen beleggers gaan helpen, is nog maar de vraag. DNB uitte al felle kritiek op het eerdere beleid van het kabinet-Rutte IV [1]. De toezichthouder stelt helder dat de grote ambities voor de volkshuisvesting simpelweg onhaalbaar zijn als marktpartijen niet voldoende kunnen bijdragen [1]. Als beleggers wegblijven, blijft de felbegeerde nieuwe woning voorlopig dus een verre droom [1][GPT].