Statushouders vinden dertien keer sneller werk dan tien jaar geleden

Statushouders vinden dertien keer sneller werk dan tien jaar geleden

2026-05-07 binnenland

Nederland, donderdag, 7 mei 2026.
Van de vluchtelingen die in 2024 een verblijfsvergunning kregen, heeft 13 procent binnen drie maanden werk. In 2014 was dat nog maar 1 procent. De helft begint als oproepkracht in de horeca of uitzendsector voor ongeveer 15 euro per uur. Na zeven jaar heeft meer dan de helft een vaste baan, bij jonge mannen zelfs 70 procent.

Van uitzondering naar regel: de horeca als startmotor

De cijfers laten een opmerkelijke omslag zien in Nederland. Waar statushouders uit 2014 vooral in de horeca terechtkwamen - 39 procent werkte daar een half jaar na hun vergunning - is nu de uitzendbranche de grootste werkgever geworden [1]. Van de statushouders die in 2024 hun vergunning kregen, werkte 28 procent in de uitzendsector en 26 procent in de horeca [1]. Deze verschuiving past bij het feit dat de helft van alle werkende statushouders nu begint als oproepkracht, tegen een derde tien jaar geleden [1][2]. Voor werkgevers betekent dit dat ze een groeiende groep gemotiveerde werknemers kunnen aantrekken. Vrouwen komen nog altijd verhoudingsgewijs vaak in de horeca terecht, terwijl mannen ook via uitzendbureaus in andere sectoren aan de slag gaan [2].

Van flexwerk naar vast contract: de lange weg omhoog

Het echte succes wordt pas zichtbaar op de lange termijn. Van de statushouders die zeven jaar geleden hun vergunning kregen, heeft inmiddels bijna 52 procent een vaste baan [1]. Bij jonge mannen tussen de 18 en 35 jaar ligt dit percentage zelfs boven de 70 procent [1]. Het aandeel oproepkrachten onder statushouders uit 2014 is in tien jaar tijd gehalveerd van 34 naar 17 procent, terwijl 69 procent nu als werknemer in dienst is [3]. Deze ontwikkeling toont aan dat de flexibele schil vaak een opstap vormt naar stabiel werk. Drie jaar na het verkrijgen van hun vergunning in 2021 had al een op de drie statushouders werk, tegenover een op de vijf voor de groep uit 2014 [3].

Overheidsbeleid helpt: van regels naar resultaten

De stijging komt niet uit de lucht vallen. Eind 2023 schafte Nederland de 24-weken eis af, waardoor statushouders niet meer beperkt waren tot maximaal 24 weken werken per jaar [1]. Sinds 2024 krijgen werkgevers subsidie om statushouders duurzaam in dienst te nemen [3]. Binnenkort mogen asielzoekers met een kansrijke aanvraag al na drie maanden aan het werk, in plaats van na zes maanden [3]. Tussen 2014 en de eerste helft van 2025 kregen ruim 311.000 mensen een verblijfsvergunning asiel [1]. Het gemiddelde uurloon van ongeveer 15 euro voor startende statushouders ligt weliswaar aan de onderkant, maar biedt wel een eerste stap de arbeidsmarkt op [2]. De NS werkt bijvoorbeeld samen met de gemeente Amsterdam en Randstad aan leerwerktrajecten voor statushouders als monteur [1].

Bronnen


arbeidsmarkt statushouders