Rijd je in 2026 nog een benzine-leaseauto, dan tikt de klok

Rijd je in 2026 nog een benzine-leaseauto, dan tikt de klok

2026-05-28 economie

Nederland, donderdag, 28 mei 2026.
Vanaf 1 januari 2027 betaalt jouw werkgever €350 per maand boete voor elke nieuwe benzine-leaseauto. Wacht je nog? Dan loopt de rekening snel op.

De boete in cijfers: €350 per maand, per auto

Vanaf 1 januari 2027 betaalt elke werkgever die een nieuw leasecontract afsluit voor een benzine- of dieselauto maandelijks 1% van de cataloguswaarde als zogeheten pseudo-eindheffing aan de Belastingdienst [1][2]. Bij een auto met een cataloguswaarde van €35.000 is dat dus 350 per maand [1][2]. Op jaarbasis loopt dat op tot 4200. En die rekening mag de werkgever niet doorschuiven naar de werknemer [1]. Leasemaatschappij Athlon signaleert de verschuiving al: benzineauto’s worden in 2026 weliswaar nog besteld, maar de keuze daarvoor wordt ‘duidelijk kritischer bekeken’, aldus verkoop- en marketingdirecteur Willemijne de Wit [1][2]. Kleine bedrijven — met minder dan tien leaseauto’s — bestelden na de aankondiging op Prinsjesdag op 16 september 2025 al meer elektrisch: het aandeel elektrische bestellingen steeg van 41% naar 51% [1][2]. Bij grote bedrijven schoot dat aandeel zelfs van 83% naar 90% [1][2]. Eind 2025 was 43% van alle actieve zakelijke leaseauto’s volledig elektrisch [1][2].

Wie nu een benzineauto least, rijdt recht de boete in

Er is nog een addertje onder het gras. Wie in mei 2026 een benzineauto least voor vijf jaar, denkt misschien: ik zit nog onder het oude regime. Dat klopt — maar alleen tot 17 september 2030 [1][2]. Vanaf die datum geldt de pseudo-eindheffing namelijk ook voor contracten die vóór 1 januari 2027 zijn afgesloten [1][2]. Wie dus nu een vijfjarig contract tekent, betaalt de boete van september 2030 tot het einde van het contract in mei 2031 [1][2]. Leasemaatschappijen spelen hierop in: bedrijven kiezen steeds vaker voor kortere looptijden om die heffingsperiode zo klein mogelijk te houden [1][2]. Renate Hemerik, voorzitter van brancheorganisatie VNA, waarschuwt voor de financiële impact: ‘De heffing kan grote gevolgen hebben voor het mobiliteitsbeleid van organisaties en kan leiden tot forse extra financiële lasten’ [1][2]. Tegelijkertijd wijst zij op een praktisch knelpunt: bedrijven krijgen geen zwaardere stroomaansluiting en kunnen laadpleinen niet uitbreiden door netcongestie, terwijl de fiscale boete op fossiele mobiliteit er per 1 januari 2027 wél gewoon komt [1].

Uitzondering voor vervangende auto’s nog onzeker

Er is één punt waarover in Den Haag nog wordt nagedacht. Sander Pleij, directeur bij leasemaatschappij Ayvens, legt het probleem scherp neer: ‘Al bij één dag een vervangende auto moet je de heffing voor een hele maand betalen’ [1][2]. Denk aan een situatie waarbij een werknemer een dagje een benzineauto krijgt terwijl zijn elektrische wagen in de garage staat. Eind maart 2026 nam de Tweede Kamer een motie aan om voor dit soort tijdelijk vervangend vervoer een uitzondering te maken op de brandstofboete [1][2]. Het kabinet kijkt hier momenteel naar [1][2], maar een besluit is nog niet gevallen [alert! ‘Het artikel meldt dat het kabinet ernaar kijkt, maar vermeldt geen beslissing of tijdlijn’]. Voor werknemers bij kleinere werkgevers is de boodschap helder: informeer nú bij je werkgever wat het leasebeleid na 1 januari 2027 wordt. Want wie wacht, rijdt straks misschien in een auto waarvoor zijn werkgever maandelijks honderden euro’s aan de fiscus overmaakt — zonder dat jij er iets aan kunt doen.

Bronnen


leaseauto brandstofboete