Rijksambtenaren winnen eerste slag tegen kabinet na massale staking
Den Haag, zaterdag, 18 april 2026.
Vakbonden hervatten op 29 april gesprekken met minister Heerma na succesvolle landelijke staking van 6.000 rijksambtenaren op 14 april. Voor het eerst in de geschiedenis moest de Tweede Kamer sluiten door stakende schoonmakers en ondersteunend personeel.
Staking werkt: minister Heerma komt terug aan tafel
De vakbonden FNV, CNV, AC Rijksvakbonden en CMHF Overheid verwelkomen zaterdagochtend de uitnodiging van minister Pieter Heerma (Binnenlandse Zaken, CDA) om op 29 april de cao-onderhandelingen te hervatten [1]. Deze doorbraak komt na maanden van vastgelopen gesprekken over de zogeheten ‘nullijn’ - het besluit van het kabinet-Schoof om rijksambtenaren voor het tweede achtereenvolgende jaar geen cent loonsverhoging te geven [2]. Voor eerdere context: vorige week legden rijksambtenaren het werk neer en lamlegden daarmee de hele Tweede Kamer, wat nog nooit eerder was gebeurd. Minister Heerma hield volgens de bonden eerder vol dat er in de rijksbegroting geen ruimte was voor een fatsoenlijke loonsverhoging [1]. Nieuwe stakingen zijn voorlopig van de baan [3].
Gevolgen stakingen voelbaar door heel Nederland
De impact van de stakingen was breed merkbaar. Slachthuizen moesten noodgedwongen tijdelijk dicht en overheidsdiensten waren telefonisch minder goed bereikbaar [1][4]. Er werd tijdelijk niet schoongemaakt in gebouwen van ministeries en de Tweede Kamer [1][4]. De acties raakten cruciale diensten: gevangenissen van DJI, DUO, de Belastingtelefoon, havens van Rotterdam en Vlissingen, douane Schiphol, bruggen van Rijkswaterstaat en spitsstroken waar niet meer op gereden kon worden [7]. Het gaat om een cao voor ruim 160.000 mensen die bij de rijksoverheid werken, waaronder medewerkers van uitvoeringsinstanties als DUO, Rijkswaterstaat, de Immigratie- en Naturalisatiedienst, de Belastingdienst en de Dienst Justitiële Inrichtingen [1][4].
Koopkrachtverlies drukt zwaar op ambtenaren
Rijksambtenaren zijn de enige groep overheidsdienders die op achterstand worden gezet - collega’s bij gemeenten, politie en veiligheidsregio’s kregen wel een loonsverhoging [6]. Meer dan 70 procent van de 160.000 rijksambtenaren doet uitvoerend werk in lagere loonschalen [5]. Rijksschoonmakers zitten in loonschaal 1 die oploopt van 2.337 euro naar 2.770 euro, terwijl veel rijksambtenaren maximaal loonschaal 7 hebben die oploopt van 3.016 euro naar 3.879 euro [5]. Bij de vorige cao kregen rijksambtenaren in juli 2024 nog een loonsverhoging van 8,5 procent en structureel 50 euro per maand extra, plus een eenmalige uitkering als compensatie voor inflatie [1][4]. Door de nullijn van 2025 en opnieuw in 2026 gaan alle medewerkers er in koopkracht op achteruit [2][5][6].