Europa trekt de stekker uit Amerikaanse tech: 200 miljard euro voor eigen digitale toekomst
Brussel, woensdag, 3 juni 2026.
Amerika heeft 70 procent van de Europese cloudmarkt in handen. Dat wil de EU veranderen. Met 200 miljard euro vergroot Europa zijn datacentercapaciteit voor 2033 drievoudig.
Von der Leyen trekt aan de noodrem
Op woensdag 3 juni 2026 presenteerde de Europese Commissie een groot pakket techmaatregelen [1][2][3]. De boodschap van commissievoorzitter Ursula von der Leyen was helder: “We kunnen het ons niet veroorloven om afhankelijk te zijn van anderen voor de technologieën die onze ziekenhuizen draaiende houden, onze energienetten stabiel en onze diensten veilig.” [3] Dat is geen loze retoriek. Amazon, Microsoft en Google bezitten samen 70 procent van de Europese cloudmarkt [1]. Dat betekent in de praktijk dat een groot deel van de digitale infrastructuur van Europese ziekenhuizen, overheidsinstanties en energiebedrijven draait op Amerikaanse servers. Wie die servers beheert, bepaalt ook de spelregels. Een pijnlijk voorbeeld: toen de Amerikaanse president Trump in 2025 sancties oplegde aan de hoofdaanklager van het Internationaal Strafhof in Den Haag, verloor die direct toegang tot Microsoft Outlook [2]. Het Strafhof stapte eind 2025 noodgedwongen over op de Duitse opensource-software Open Desk [2]. Zo kwetsbaar is Europa nu.
200 miljard euro en een vergunning in twaalf maanden
De Europese Commissie trekt 200 miljard euro uit om de datacentercapaciteit in Europa vóór 2033 te verdrievoudigen [1][2]. Dat klinkt abstract, maar het betekent concreet dat er veel meer Europese servers moeten komen waarop Europese data veilig kan worden opgeslagen. Om dat te versnellen, introduceert de Commissie de Cloud and AI Development Act [3]. Die wet verplicht lidstaten om speciale ‘data centre acceleration zones’ aan te wijzen, waar een vergunningstraject maximaal twaalf maanden mag duren [3]. Wie weleens een bouwvergunning heeft aangevraagd, weet dat dit een kleine revolutie is. Daarnaast komt er een vernieuwde Chips Act — de zogenoemde ‘Chips Act 2.0’ [3]. Die moet de Europese chipproductie versterken en staatssteun mogelijk maken voor baanbrekende chipprojecten die nog niet in Europa aanwezig zijn [3]. Europese overheden geven jaarlijks circa 264 miljard euro uit aan voornamelijk Amerikaanse IT-diensten [2]. De Commissie wil dat geld voortaan vaker naar Europese alternatieven laten vloeien, mede door overheden te verplichten de risico’s van niet-Europese software en hardware in kaart te brengen [1]. Bedrijven als het Franse Mistral AI en het cloudplatform OVHcloud staan klaar om te profiteren [1].
Wat merkt de burger ervan — en wanneer?
De plannen liggen er, maar ze zijn op 3 juni 2026 nog geen wet. Zowel het Europees Parlement als de afzonderlijke EU-landen moeten ze nog goedkeuren [2][3]. Techexpert Bert Hubert is voorzichtig optimistisch: “De commissie gaat als eerste zijn eigen data weer terughalen. Ze geven het goede voorbeeld en dan durft het bedrijfsleven ook mee te gaan.” [2] Hubert plaatst wel een kanttekening: een Europese monopolist is geen verbetering ten opzichte van een Amerikaanse. “Het lijkt er meer op dat er een veelheid van bedrijven komt,” zegt hij [2]. Dat is precies de bedoeling. Ook KPN speelt al in op de trend: in de week van 25 mei 2026 lanceerde het telecombedrijf een ‘Europese soevereine cloud’ in samenwerking met het Duitse Schwarz Digits, onderdeel van het Lidl-concern [2]. KPN-bestuursvoorzitter Joost Farwerck: “Er is op dit moment een grote vraag naar die Europese soevereine oplossing en daar stappen we nu in.” [2] Microsoft reageert diplomatiek en roept op tot “openheid, samenwerking en eerlijke concurrentie” [2]. Voor de gemiddelde Nederlander verandert er voorlopig nog weinig zichtbaars. Maar als dit plan slaagt, draait uw DigiD over zeven jaar mogelijk op een server in Amsterdam in plaats van in Virginia. Dat is misschien minder spectaculair dan een maanvlucht, maar voor Europa’s digitale onafhankelijkheid minstens zo belangrijk.