250 gemeenten negeren de wet: minister Van den Brink trekt de harde lijn in asielopvang
Roosendaal, maandag, 1 juni 2026.
Roosendaal vangt maar 27% op van wat de wet vereist. Van den Brink roept gemeenten nu op het matje. Einde 2026 moeten 40.000 extra bedden klaar zijn.
Roosendaal en Wijchen: koplopers in achterblijven
Roosendaal moet volgens de Spreidingswet 364 asielzoekers opvangen. Het vangt er nu 100 op — dat is 27.473 procent van de taakstelling, oftewel 27% [1]. Het verschil: 264 plekken die er gewoon niet zijn [1]. Roosendaal staat daarmee niet alleen. Zo’n 250 van de 342 Nederlandse gemeenten halen hun doelstelling niet [1]. Minister Bart van den Brink van Asiel en Migratie roept deze gemeenten vanaf volgende week op het matje. Ze moeten naar Den Haag komen om uit te leggen waarom hun zaken niet op orde zijn [1]. Eerder schreven we hoe Van den Brink — opvallend genoeg een PVV-bewindsman — gemeenten juist verraste door gewoon zijn werk te doen en de Spreidingswet serieus toe te passen waar zijn voorgangers faalden. Lees hier de achtergrond. Ook Wijchen staat in de beklaagdenbank. De gemeente kondigde al in 2023 een azc aan voor 300 asielzoekers aan de Teersdijk, maar drie jaar later staat er nog niets [2]. De vertraging? Een beschermde dassenburcht op de locatie [2]. Den Haag wacht niet langer op de das. Van den Brink sluit dwangmaatregelen niet uit [2]. Wijchen zegt zelf dat het ministerie doorlopend wordt geïnformeerd: “Wij zetten ons maximaal in om het azc zo snel mogelijk te realiseren” [2]. Burgemeester Renske Helmer-Englebert koos eerder voor een proactieve aanpak: “We nemen nu de regie, om te voorkomen dat de landelijke overheid dat voor ons doet” [2]. Voorlopig lijkt de regie toch in Den Haag te belanden.
Hattem, Vught en de crisissfeer rond Ter Apel
Het is niet alleen Roosendaal en Wijchen. De gemeente Hattem ontving al een brief van Van den Brink met het verzoek om opheldering over het niet nakomen van de opvangplicht [3]. Het pas gepresenteerde bestuursakkoord 2026-2030 van Hattem spreekt slechts van opvang “mits financieel en organisatorisch haalbaar” [3]. Dat schoot oppositiepartijen D66 en CDA in het verkeerde keelgat. “Het gaat er niet om mensen op te vangen als het haalbaar is. We móeten onze wettelijke verplichting nakomen”, zei D66-raadslid Erwin Kwakkel [3]. CDA-fractievoorzitter Sophia Sanders-Riepma was nog bondiger: “De gemeente dient gewoon de wet uit te voeren!” [3]. In Vught stuurden de raadsfracties van D66, PvdA-GroenLinks, SP en CDA op 26 mei 2026 een brandbrief aan het college, met de eis snel duidelijkheid te geven over tijdelijke noodopvang [4]. Het college reageerde al: noodopvang op korte termijn is niet mogelijk wegens het ontbreken van geschikte locaties [4]. Ondertussen groeit de druk vanuit Ter Apel. Sinds 29 mei 2026 vragen Ter Apel en buurgemeenten andere gemeenten om crisisopvang voor een paar nachten, omdat de doorstroom van statushouders naar reguliere huisvesting stagneert [3]. De sporthal Hunsowhal in het Drentse 2e Exloërmond bood tijdelijk 150 slaapplekken [5]. Een doekje voor het bloeden, want het structurele tekort is nog lang niet opgelost.
40.000 bedden voor eind 2026: de klok tikt
De deadline is helder: voor het einde van 2026 moeten er in heel Nederland nog circa 40.000 extra bedden voor asielzoekers bij [1]. Commissaris van de Koning Wouter Kolff waarschuwde gemeenten al in mei 2025 dat het najaar van 2025 het cruciale moment zou worden [2]. Die termijn is verstreken. Nu volgen de gesprekken op het ministerie, en daarna — als gemeenten blijven tekortschieten — kunnen dwangmaatregelen volgen [2]. Van den Brink liet al weten hoe hij hierover denkt: “Ik ga de Spreidingswet gewoon toepassen” [2]. Voor inwoners van gemeenten die achterblijven betekent dit concreet: of er komt alsnog een azc in de buurt, of Den Haag dwingt het af. Een keuze tussen zelf regie nemen of die kwijtraken. Wie de das in Wijchen kent, weet dat de natuur soms een goed excuus biedt — maar niet voor eeuwig.