Het RIVM moet vandaag zijn coronafouten toegeven, maar zwijgt
Den Haag, donderdag, 4 juni 2026.
Vandaag staat oud-RIVM-directeur Jaap van Dissel voor de parlementaire enquêtecommissie. Prominente experts eisen één ding: geef toe dat het RIVM in 2020 fout zat over mondkapjes, aerosolen en besmettingsrisico’s.
Den Haag, 4 juni 2026: Van Dissel in de verhoorstoel
Vandaag, donderdag 4 juni 2026, verschijnt oud-RIVM-directeur Jaap van Dissel voor de parlementaire enquêtecommissie corona in Den Haag [1]. De commissie hoort in negen weken bijna vijftig getuigen over het coronabeleid [7]. Van Dissel is een van de zwaarste getuigen op de lijst. De druk op hem is groot. Een coalitie van prominente experts — viroloog Jaap Goudsmit, epidemioloog Roel Coutinho en hoogleraar bestuurskunde Kees van den Bos — eist dat het RIVM publiekelijk erkent dat het in 2020 fout zat [1][4]. Het RIVM weigert inhoudelijk te reageren zolang de enquête loopt [1][4]. Handig zo’n enquête, als je toch niks wilt zeggen.
Wat ging er precies mis?
De fouten zijn concreet en gedocumenteerd. Op 27 januari 2020 meldde het RIVM dat het virus niet makkelijk overdraagbaar was [1]. Op 17 februari en opnieuw op 12 maart 2020 verklaarde het instituut dat asymptomatische besmetting ‘zeer onwaarschijnlijk’ was [1]. Gevolg: zorgmedewerkers verpleegden in maart 2020 hoestende en niezende ouderen zónder mondkapjes [1]. Tegelijk negeerde het RIVM de WHO-oproep tot massaal testen en bagatelliseerde het de verspreiding via aerosolen [1][4]. RIVM-medewerker Aura Timen beweerde zelfs dat een doorgemaakte infectie ‘waarschijnlijk levenslang’ bescherming bood [4] — viroloog Lia van der Hoek toonde in augustus 2020 aan dat die immuniteit juist van korte duur is [1]. Van der Hoek zelf was er helder over: ‘Ik was verbijsterd toen ik dat hoorde’ [1]. In april 2020 vroeg topambtenaar Ernst van Koesveld van het ministerie van VWS het OMT bovendien om het mondkapjesadvies zo aan te passen dat preventief gebruik in de ouderenzorg expliciet ‘niet nodig en niet gewenst’ zou zijn — het OMT stemde binnen vijftien minuten in [7]. Pas eind september 2020 draaide dat advies bij [7].
Waarom dit er nu écht toe doet
De experts zijn niet uit op een schuldige. Ze zijn uit op lessen. Coutinho formuleert het rustig maar scherp: ‘Het is belangrijk dat adviseurs kritisch reflecteren op wat met de kennis van tóen anders had gekund’ [1][4]. Goudsmit is minder diplomatiek: ‘Een ongefundeerd standpunt. Op die manier kan je nooit lessen leren voor de toekomst. Je móet fouten toegeven’ [1]. En Coutinho voegt toe: ‘Wat heeft het anders voor zin om dit achteraf allemaal te bekijken?’ [1] Die vraag hangt als een donkere wolk boven de verhoorruimte. Want de enquêtecommissie hoort tot medio juli 2026 nog tientallen getuigen [1][7]. Als het RIVM blijft zwijgen, leren we misschien wel hoe de crisis verliep — maar niet hoe we de volgende beter aanpakken. Morgen, vrijdag 5 juni 2026, gaan de verhoren verder met NCTV-coördinator Pieter-Jaap Aalbersberg om 14.00 uur [7].